Kijkraam 9: Dissolving Views: Beelden geven en nemen.

De eerste week zit erop. Tijd voor een tussenbalans. Ik vond het een superervaring. Het maken was een makkie. Wat een stuwing gaf de materie, de klank, de ruimte en de mensen! Ik ben gesterkt in mijn aanname dat alles met alles samenhangt en dat je alleen maar hoeft in te stappen. Als je erbij was begrijp je het.

Golven
Ik had Dick gevraagd of hij de regel-maat van de plattegrond kon openbreken. Mijn plan was de dionysische oerbende te zoeken onder mijn- en onze denkbeelden. Ik dacht met wit en zwart te beginnen. Ik dacht in termen van strijd. Tijdens die eerste scheppingsdag ervoer ik echter alleen maar harmonie en kleur. Dus die oersoep werd niet zo heet opgediend. Bij het terugluisteren hoorde ik in zijn spel wel degelijk contrast, a-ritmiek en willekeur. Kennelijk vloeit het in de totaliteit van de ervaring toch als een golf. En golven hebben nu eenmaal samenhang. Wat een klankervaring. Ik zou het nog een keer willen meemaken, Dick, en dan nog een keer.

Speeltuin
De tweede dag zaten we al boven de plattegrond. Er was structuur, ruimte en licht. Ik had Bert gevraagd om de ruimte te verspelen, door vogelgeluiden, vliegen, suizen en rond en hoekig te geven. Toen Bert begon te spelen was ik even op tilt. Wouw, hoe moet ik dit evenaren schoot door me heen. Ik voelde voor het eerst overal ogen. Springen, dacht ik en de verf nam het over. Wel heel drastisch want de gele verfpot schoot open en bedolf al mijn plannen. Supergaaf om te merken dat overgave mogelijk werd en de regie vanzelfzwijgend werd overgenomen. Zo tekende zich een heel ander beeld af dan ik in mijn gedachten had voorgenomen. Gelukkig maar.
Ik merkte steun van de ronde holpijpachtige klanken. Wat gaaf om zo intens muziek te proeven! En wat kan Bert van den Brink schilderen met geluid! Zo’n orgel laat zich dan heel anders kennen. Orgelbouwer Reil kan trots zijn. Ik zie uit naar donderdagavond. Dan komt Bert weer en gaan we het hemelgewelf boven onze denkbeelden openen.

Collages
Het beeldscherm van Peter Slager is lang geen 606/375 cm. Wat hij aan het doen valt minder op en verdient naar mijn mening meer aandacht. Doel van dit project is te ervaren dat kennis van de wereld verankerd is in onze fysieke ervaringen in deze wereld. In de totaalervaring van het werken in de werkelijkheid (bijvoorbeeld in het werken aan een doek) ontdekken we meer over onze drijfveren dan met een breinscanner, die slechts deelactiviteiten isoleert en objectiveert. Ingewikkeld om uit te leggen maar als je het meemaakt valt het kwartje wel.

Dick brengt een wereld tot leven via zijn lijf/hand/beweging/trilling en Bert toont een wereldbeeld via zijn handen, oren en klankbeelden. Dat vormingsproces speelt zich af in nu, in en via een lichaam, in een ruimte en in een tijd. Het is niet na te vertellen, en niet te reproduceren met opnames. Het is Nu en eenmalig. Hoe verbeeldt een graficus, zoals Peter, de wereld? Is daar wel een Nu-moment en een lijf? Heeft juist niet de digitalisering van ons wereldbeeld geleid tot die reductie van ons worm-zijn? Dit deel van het project is daarom zo gaaf.
De vraag is: leeft Peter-worm in een digitaal beeldvormingsproces? Kan dat?
Peter volgt in het moment zelf het maakproces door foto’s van fragmenten te maken en ter plekke te plakken in een groeiende collage. Schuiven, monteren, kleuren, ruimte, tussenruimte, grootte, verhoudingen, letter, allemaal digitale grafische ingrediënten. Het materiaal stinkt niet en maakt geen vlekken. Maar het is wel lijfwerk. Omdat de planmatigheid wordt losgelaten en de gelijktijdigheid van de fysieke ervaring wordt ingezet. Waartoe is Peter in staat als hij bereid is zich toe te vertrouwen aan een groter geheel dat hij niet denkt? Immers, ook hem ontgaat het geheel en dat is voor een grafisch ontwerper echt moeilijker dan voor een schilder. Wat we nu zien en ervaren is een onvolledige collage van fragmenten. De uitkomst is open, maar donderdag wordt deze compositie geprint op een drie meter grote printer, bij Zalsman Innovative Print, in Kampen. Spectaculair. Het is in de kerk live te volgen. Hoe digitaal ook, het is en blijft handwerk, met kleurstoffen, puntjes en toetertjes en belletjes. Liegen dat het gedrukt staat. Gaaf he? Wat is werkelijker: het drukwerk of het schilderij dat nog geen beeld geeft?
De collages zijn te koop na het project.

Julius Hartman zien we weinig in beeld omdat hij de beeldvormer zelf is. Hij schiet sneller dan zijn schaduw. Door het proces te streamen, te tonen en te volgen wordt er een beeld gegeven dat als een zelfstandige realiteit weer invloed heeft op mijn proces van maken. Die beeldvorming heeft gelukkig geen directe invloed op mijn gedrag, maar vormt wel mede ons beeld van het eindproduct zaterdagavond 30 september. Dan gaan we verbeelden, gezamenlijk, als het procesding een beeld wordt.

Iedereen bedankt voor de warme participatie!

 Foto's: Bouke peterson, Clarck Wilinsky en Reinier de Wit


Gepubliceerd op maandag 25 september 2017 « berichten